COLUMN | ‘Goedenavond, ik bel u namens SC Heerenveen’

5
COLUMN | ‘Goedenavond, ik bel u namens SC Heerenveen’

Het is een bijzondere gewaarwording om na maandenlang thuiszitten weer thuis te komen in het Abe Lenstra Stadion. Vanaf mijn vertrouwde stekje op de lege Noordtribune valt mijn oog deze woensdagmiddag op een stapeltje plastic bierglazen naast een stoeltje. Achtergelaten na de uitverkochte thuiswedstrijd tegen Ajax, bijna drie maanden eerder, als onbedoeld aandenken aan de levendigheid die hier zo volstrekt vanzelfsprekend was. Wisten wij veel welk onheil ons te wachten stond.

Sindsdien is het stadion niet in verval geraakt, zoals met haastig achtergelaten huizen na een natuurramp, maar van binnen juist flink opgeknapt. De naam van de nieuwe hoofdsponsor Ausnutria op de dakrand springt in het oog. Het veld ligt er schitterend bij, dankzij de nieuwe Henk Schreuder die trots op zijn karretje rondrijdt, maar waarvoor eigenlijk? De lijnen ontbreken bij gebrek aan bespelers.

Het is een bizarre situatie, een voetbalclub zonder uitzicht op voetbalwedstrijden met publiek. Dat kan logischerwijs niet lang goed gaan, dus moet er iets gebeuren. Als dat besef nog niet was doorgedrongen bij iedereen met een Heerenveen-hart, was dat na de door algemeen directeur Cees Roozemond aankondigde reorganisatie wel het geval.

Slechte tijden halen altijd het beste in sc Heerenveen naar boven. Het kost de organisatoren dan ook geen enkele moeite om genoeg clubmensen te vinden voor een actieweek, bedoeld om supporters te verleiden onvoorwaardelijk hun seizoenkaart te verlengen, of ze daarvoor hartelijk te bedanken. In al zijn simpelheid een geweldig idee: als de mensen niet naar de club kunnen komen, gaat de club naar hen toe. Plaats voor plaats, deur voor deur. Het levert schitterende beelden op, en een enorme hoeveelheid goodwill.

Vooral voor de vele supporters die verder weg wonen, heeft fanmanager Edward Jousma een grote, midweekse belactie vanuit het stadion georganiseerd. Tijdens de instructie op de hoofdtribune kijkt hij glimlachend naar het door hem samengestelde telefoonteam: hoofdtrainer Johnny Jansen, fysiotherapeut Erik ten Voorde, aanvoerder Hicham Faik, verdediger Lucas Woudenberg, geflankeerd door kantoorpersoneel, vrijwilligers en supporters. ‘Dit is wat Heerenveen uniek maakt’, zegt Jousma, en ik knik instemmend.

Terwijl bij sommige topclubs onvrede ontstaat onder de aanhang over de hoge spelerssalarissen en de met dure auto’s pronkende talenten, is bij ons niets te merken van een kloof tussen de voetballers en het volk. Integendeel. Het saamhorigheidsgevoel is juist groter dan in normale tijden, en dat voelt ouderwets vertrouwd aan. Wij zijn groot geworden als een club waar onderlinge afstanden niet bestaan, zelfs niet nu die noodgedwongen anderhalve meter moeten zijn.

‘Verbind supporters die klagen over de opstelling maar naar mij door’, zegt trainer Johnny Jansen grijzend tegen ons.

In de tot callcenter omgebouwde perszaal ligt voor mij een lijst met namen van seizoenkaarthouders. Sommigen hebben al verlengd, de meesten nog niet. Nog voordat ik het bovenste telefoonnummer kan intoetsen, gaat mijn mobiele telefoon. Volgens de nummerherkenning belt ’sc Heerenveen’. Ik neem op. ‘Goedemiddag, meneer’, zegt een vriendelijke stem aan de andere kant van de lijn. ‘U spreekt met Hicham Faik, ik bel u namens sc Heerenveen.’ Lachend loop ik naar hem toe, een paar tafeltjes verderop. Dan valt het kwartje bij onze aanvoerder. ‘Die kun je alvast afvinken’, zeg ik.

In de uren die volgen, valt het mij op dat medesupporters nauwelijks mopperen en klagen als zij niet op een tribune zitten maar thuis aan de telefoon. Zonder uitzondering zijn de reacties op de belactie positief en de spontane voetbalgesprekken mooi. Zoals met de onvoorwaardelijke verlenger die vorig seizoen voor het eerst in dertig jaar weer een seizoenkaart nam. ‘Promoveerden we voor het eerst naar de Eredivisie, verhuisde ik naar het oosten van het land en had ik geen vervoer meer’, zegt hij lachend. ‘Gelukkig was de periode daarvoor ook prachtig. En ik ben de club altijd blijven volgen, hoor. Dat zit diep. Bij alle drie de bekerfinales zat ik in De Kuip.’

Afgaande op mijn, ongetwijfeld niet geheel representatieve steekproef zijn er drie categorieën te onderscheiden: zij die al hebben verlengd en voor de ‘gouden’ optie hebben gekozen, zij die dat zeker nog gaan doen, en zij die nog twijfelen.

Die laatste groep is zeker vatbaar voor argumenten dat de club het juist in deze situatie keihard nodig heeft, maar wordt zelf ook hard getroffen door de crisis: gepensioneerden die voorlopig niet naar buiten durven, laat staan naar een voetbalstadion, of werkenden die hun baan zijn kwijtgeraakt of hun bedrijf zien wankelen.

‘Het is wel in één keer 1200 euro’, benadrukt een supporter met vier seizoenkaarten. Hij koestert die vaste plekken, en is hoorbaar blij dat Heerenveen die nog tot 1 juli voor hem vasthoudt. ‘Hopelijk komt mijn werk voor die tijd weer op gang, dan is de club een van de eerste waar ik het verdiende geld naartoe overmaak.’

Gelukkig gaat niet in alle gevallen achter het voorlopige ‘nee’ op mijn lijstje zo’n hartverscheurend verhaal schuil. ‘Kunt u mijn wachtwoord voor het kaartverkoopsysteem meteen even resetten?’, vraagt een medesupporter. ‘Dat staat op een handgeschreven briefje op mijn werk, en daar kom ik voorlopig niet. Ik wil mijn vaste plek in het stadion zeker niet kwijt!’

Op mijn lijstje staat één man die zijn twee seizoenkaarten nog niet heeft verlengd, en ook met geen mogelijkheid te overtuigen lijkt. Dat concludeer ik althans tijdens zijn tirade over de onmogelijkheid om te voetballen met publiek zolang er nog geen coronavaccin is. Op de achtergrond mengt zijn vrouw zich plotseling in het gesprek. ‘Maar we verlengen onze seizoenkaarten gewoon, hoor!’ Ineens verandert zijn toon. ‘Ja, uiteraard.’

Het valt op: niemand haakt af op basis van het vorige seizoen. Sterker nog: veel supporters zijn zeer te spreken over het vertoonde spel in het algemeen en Johnny Jansen in het bijzonder. ‘Die man mag van mij een contract voor het leven krijgen’, drukt een supporter mij op het hart. Ik noteer de tip op mijn blaadje en besluit het compliment meteen over te brengen. Grijnzend leest hij vanachter de tafel waar hij normaal zijn persconferenties geeft mijn gekrabbel. ‘Laat je dat ook even aan Gerry zien als hij straks langsloopt?’

Zijn aanstelling als hoofdtrainer is het beste wat onze club kon overkomen, denk ik als ik Jansen als een van de laatsten naar zijn auto zie lopen. Zoveel oprecht clubgevoel en enthousiasme is onbetaalbaar, zeker in deze onzekere tijd. Heerenveen heeft ondanks de crisis weer een vrolijk gezicht gekregen.

Het voelt onwerkelijk om na een lange periode zonder wedstrijden het Abe Lenstra Stadion te verlaten, en licht geëmotioneerd vast te stellen dat ik in geen tijden zo trots ben geweest om supporter te zijn van deze schitterende club. Die gaat nooit verloren, dat weet ik zeker, daar zorgen wij met elkaar voor.

Hielke Biemond

5 reacties ›
Om een reactie te plaatsen dien je in te loggen of te registreren, dit duurt maar 1 minuut!

  • 1 Jun 2020 om 12:34
    Top Hielke
  • 31 May 2020 om 23:35
    Vreugde door m’n lijf, als ik dit lees en dat maakt me trots. Op de club en alles er omheen! En natuurlijk op -eindelijk weer eens!!- een prachtig column!
  • 31 May 2020 om 17:53
    Tja ook ik wil graag verlengen maar moet sparen voor een andere investering die belangrijker is
  • 31 May 2020 om 17:30
    Mooi stukje om te lezen.
  • 31 May 2020 om 16:55
    Mooi stuk, Hielke! En super dat je mee deed. Een supporter met een hoofdletter S!
zaterdag 14 maart 2020
18:30
Bekijk agenda › Voorspel wedstrijd ›