Abe Lenstra
Abe Lenstra (27-11-1920 Heerenveen - 02-09-1985) werd geboren als zoon van handelsreiziger Mindert Jans Lenstra en Janke Suierveld. Als 15-jarige maakte hij zijn debuut in het eerste elftal van VV Heerenveen (later SC Heerenveen). Zijn meest legendarische clubwedstrijd speelde hij op 7 mei 1950 tegen Ajax. Een half uur voor tijd stonden de Amsterdammers (waaronder Rinus Michels) met 1-5 voor. Maar Heerenveen presteerde het dit in een 6-5 overwinning om te buigen. Lenstra scoorde de eerste twee goals en had een zeer belangrijk aandeel in de overige doelpunten.
Op zijn negentiende speelde hij voor het eerst in het Nederlands voetbalelftal, waarvoor hij in totaal 47 keer zou uitkomen. Voor Oranje scoorde hij in totaal 33 keer, evenveel als later Johan Cruijff en Ruud van Nistelrooy. Het 'Gouden binnentrio' was de benaming voor het drietal Abe Lenstra, Faas Wilkes en Kees Rijvers, dat het hart van de Nederlandse aanval vormde in de jaren vijftig. De bekendste interland die Lenstra speelde was de 1-2 overwinning op regerend wereldkampioen West-Duitsland in 1956. Hij tekende voor de beide Nederlandse goals, de Duitse was een eigen goal van Cor van der Hart.
Lenstra werd begeerd door vele clubs. Het Franse Nice bood hem zelfs een blanco cheque aan, maar Lenstra wilde 'zijn' Heerenveen niet verlaten. Vanaf 1955 speelde hij echter toch zes seizoenen als semi-profvoetballer in Enschede: eerst voor Sportclub Enschede (waarvoor hij het eerste doelpunt maakte in het Diekman Stadion), later voor Enschedese Boys. Na het beëindigen van zijn actieve periode trainde hij nog enkele amateurclubs en was hij werkzaam als vertegenwoordiger voor een bierbrouwerij en bleef tot 1977 in Enschede wonen.
Een icoon voor Heerenveen
Abe Lenstra genoot een grote populariteit, binnen en buiten Friesland. Samen met Faas Wilkes en Kick Smit stond Abe Lenstra bovendien model voor de voetballende stripheld Kick Wilstra. Abe Lenstra werd in 1951 gekozen als eerste Sportman van het jaar. Het volgende jaar kreeg hij deze onderscheiding opnieuw.
Heel wat bescheidener is het Friesch Dagblad over Abe: "Abe Lenstra is zonder meer de grootste sportheld in de geschiedenis van Heerenveen", schrijft de Christelijke krant die nog steeds geen eigen verslaggevers stuurt naar voetbalwedstrijden die op zondag gespeeld worden. Over zijn carrière meldt het dagblad:
"Lenstra debuteerde kort voor de Duitse bezetting in 1940 in het Nederlands elftal en trok pas in 1959, op 38-jarige leeftijd, voor de laatste keer het Oranje shirt aan. Maar onomstreden was hij niet. Lenstra speelde in die periode van negentien jaar - geen andere voetballer hield het zo lang vol in Oranje - slechts 47 interlands en scoorde daarin 33 doelpunten, net zo veel als Johan Cruijff. Lenstra was een icoon en dat werd versterkt door het feit dat hij niet alleen op het voetbalveld uitblonk. Lenstra was een crack in vrijwel alles wat hij deed: atletiek, dammen, schaatsen, eieren zoeken, vissen, biljarten.
Juist omdat hij zo'n aparte was, een 'genie met remmingen', groeide hij uit tot de meest geliefde sportman van het land. Hij werd het eerste nationale sportidool en was in 1951 de eerste Sporter van het jaar. Lenstra werd op 56-jarige leeftijd getroffen door een hersenbloeding en overleed in 1985 op 64-jarige leeftijd."
Bekijk hier een dertig minuten durende reportage over de beste Friese voetballer ooit. (Bron: VPRO/NPS)




