Ron Jans kan hier wat opbouwen (maart 2011)
Het gebaar is niet symbolisch bedoeld, de ironie ontgaat hem zelfs totaal. De trainer van SC Heerenveen heeft plaatsgenomen op een driezitsbank in zijn woning in Heerenveen en net op het moment dat Ron Jans verzucht dat “het allemaal niet meezit”, schuift hij de Voetbal International opzij die voor hem op tafel ligt. Hij wil gewoon zijn kop koffie even neerzetten, that’s all.
Keihard werd Jans onlangs aangepakt in het weekblad. Een greep: zijn werkwijze deugt niet, zijn omgang met de ontevreden spits Bas Dost al helemaal niet en Jans’ vermeende Louis van Gaalgedrag hangt de spelers de keel uit. In de tv-uitzendingen van VI deed hoofdredacteur Johan Derksen er nog wat schepjes bovenop en alsof het allemaal nog niet beroerd genoeg was, leden Jans en zijn spelers zaterdag ook nog eens een smadelijke 4-3 nederlaag bij Willem II.
De Heerenveen-coach wekt in de dagen voorafgaand aan Heerenveen- Feyenoord (zondag 6 maart, 14.30 uur) niet in het minst de indruk gebukt door het leven te gaan, maar de feiten liegen ook niet. Vijfentwintig competitiewedstrijden heeft Heerenveen er inmiddels opzitten en nog steeds staat het elftal niet. Jans wijzigt zijn ploeg voortdurend.
Het kan niet anders of dat gaat ten koste van de vastigheid en creëert onrust bij de spelers. Jans: “Ik had zeker verwacht dat we eerder een vast elftal zouden hebben. De romp van het team had er al moeten staan. De speelwijze staat, maar met de poppetjes wordt steeds geschoven. Ik begrijp dat spelers dan onzeker worden. Maar ik bestrijd dat een speler na één fout meteen kan gaan zitten. De keuzes die we hebben gemaakt vind ik allemaal logisch. Als iemand het te vaak laat afweten en iemand anders staat te trappelen, dan kun je daar niet omheen. Ik geef toe dat er in het verdedigingscentrum de laatste weken te vaak wisselingen zijn geweest. We willen graag van achteruit voetballen, maar door schorsingen (Arnold Kruiswijk, red.) heb ik Milan Kopic en Igor Djuric een kans gegeven. Met die twee hielden we in de uitwedstrijd tegen NAC de nul, dus dan denk je: we laten het zo staan. Maar dan zie je dat het opbouwend niet loopt, zeker niet wanneer je dan ook nog met een breker als Michal Svec op het middenveld speelt. Dan kom je voetballend tekort.”
“Het uitgangspunt blijft een centrum met Michel Breuer en Arnold Kruiswijk, met voetbal van achteruit. Het punt is alleen dat we de ware Arnold hier nog niet hebben gezien. En wat Michel betreft: die krijgt dit seizoen wel heel vaak de zwarte piet van ons publiek, in mijn ogen onterecht. Net als de anderen heeft hij goede en minder goede wedstrijden gespeeld, maar hij werkt altijd hard en wil altijd de bal hebben. Dat kan ik niet van al mijn spelers zeggen. Er zitten in deze groep niet heel veel jongens die de groep meeslepen naar een hoger niveau. Er zijn te weinig die elkaar aanspreken op fouten. We hebben meer volgelingen dan voortrekkers. Ik vind wel dat Mika Väyrynen het voortouw neemt. Christian Grindheim? Die was de eerste seizoenshelft een van de beteren, maar op dit moment verwachten we meer van hem.”
Jans bestrijdt dat hij op het middenveld en in de voorhoede te vaak wijzigingen heeft doorgevoerd. “Ik vind het overdreven om te stellen dat het hier een duiventil is. In de spits heb ik óf Viktor Elm óf Bas Dost opgesteld en op het middenveld zie je steeds dezelfde namen terug: Väyrynen, Grindheim, Djuricic, Svec en – als hij niet in de spits staat – Elm.” Hij haalt zijn schouders op. “Maar we zitten nu helaas in zo’n fase dat het nooit goed is, welke beslissing we ook nemen.”
Nog zo’n aanvechtbare beslissing: middenvelder Geert-Arend Roorda voelde zich niet voor vol aangezien door Jans. De enige geboren Fries wilde voetballen en werd verhuurd aan Excelsior, tot ergernis van de FNP en niet alleen van de politieke partij. Veel wil Jans er niet meer over zeggen, net als over de kwestie-Dost, de veelbesproken spits die via een arbitragezaak zijn overgang naar Ajax wilde afdwingen. Jans: “Misschien wel de moeilijkste klus die ik heb, is het tevreden houden van spelers die er niet in staan. Dat is wat Roorda betreft niet gelukt, maar ik heb geen zin om me te verdedigen. Roorda heeft zijn beleving van wat er gebeurd is, ik heb met het team te maken. Maar ik heb hem beslist nog niet opgegeven.”
De spelers die aangetrokken zijn tijdens uw trainerschap spelen nog steeds niet of nauwelijks. Jans: ,,Dat zijn de feiten en ik ben medeverantwoordelijk. Het was niet de bedoeling dat Youssef (El Akchaoui, inmiddels uitgeleend aan VVV Venlo) niet zou spelen. Maar Calvin (Jong-A-Pin, red.) heeft ons bij de start van het seizoen positief verrast. Arnold Kruiswijk heeft zijn top bij ons dus nog niet gehaald en over Bas Dost wil ik niet al te veel meer zeggen.”
“Ik heb het mezelf niet gemakkelijk gemaakt. Ik ga niet iemand opstellen omdat-ie een Fries is of omdat hij de duurste speler is. Wat ik bij mijn spelers mis, is de cultuur dat mensen zichzélf er bij wedstrijden met het beloftenteam of op de training in spelen. Die drive ontbreekt. En als mensen denken dat ik mijn voorkeuren heb of dat ik om persoonlijke redenen spelers buiten de ploeg laat, dan is dat echt onzin.”
U en Bas Dost mijden elkaar intussen. Het kan niet anders of Dost vertrekt aan het einde van het seizoen. Jans: “Dat is jouw conclusie. Ik zeg: we moeten ons nu allemaal gaan richten op de positieve dingen en op de toekomst, Bas dus ook. Ik ben er nooit op uit om mensen te kwetsen, te beledigen of te beschadigen. Ik ben een weegschaal en die houdt van harmonie. Dat geldt in principe nog steeds voor mij, maar ik heb wel geleerd om conflicten niet te vermijden. Die horen erbij om samen tot iets moois te komen.”
“Sommige dingen had ik best anders kunnen doen. Soms doe ik in de emotie iets waarvan ik later spijt heb. Ik laat me wel eens meeslepen, dat klopt. Maar ik baal ervan als dat wordt uitvergroot, zoals in VI. Het idee achter mijn beslissingen is des Heerenveens: vanuit de Friese cultuur, hard werken, ontwikkelen en dat samen met elkaar. Het moeilijke is dat het verwachtingspatroon rond deze club best hoog is. Dat heeft met het verleden te maken, toen Riemer, Foppe en Gertjan hier nog rondliepen. Toen was er heel veel duidelijkheid en daar willen we weer naar toe. Op dit moment kun je de vraag stellen of er niet meer voetbal-knowhow in moet. Johan Hansma is technisch manager geworden, maar hij heeft ook zijn tijd nodig om te groeien. En het financiële plaatje is toch even anders gebleken dan gedacht. Het zou een slechte zaak zijn als Robert Veenstra (voorzitter, red.) of ik daar nu op zou worden afgerekend. Het zou voor deze club ook helemaal niet goed zijn als er nu alweer een nieuwe trainer zou komen. Maar als ik de verhalen over mij zo hoor, lijkt het soms al alsof ik alweer afscheid ga nemen.”
“Ik kom mensen tegen die denken dat ik nog steeds bij FC Groningen zit, zozeer ben ik met die club vergroeid geraakt. Ik hoop dat die mensen me over een paar jaar net zo met Heerenveen associëren. In drie, vier jaar kan ik hier wat opbouwen. Dat zou goed zijn, op alle fronten. Het is ook de eensgezindheid die terug moet keren. Dat is het grote verschil met Groningen: daar zat alles op één lijn, hier niet. Alle kritiek kun je ombuigen als iedereen naast elkaar staat. Anders blijf je op alle niveaus tegen dingen aanlopen. Blijkbaar hebben we dit seizoen nodig om verder te komen.”
Bouwen is wat Ron Jans wil, zoals hij dat ook in Groningen deed. Het verschil is echter, dat zijn vorige club bij zijn komst in 2002 een slechte periode aan het afsluiten was. De voormalige assistent-trainer van Emmen kreeg alle tijd en ruimte om te leren, om te falen ook. Heerenveen heeft die tijd niet, er moet gepresteerd worden. Al is het alleen maar omdat het publiek, verwend door de successen, dat eist.
Een Heerenveen-supporter, we noemen hem doorsnee, vertelde dat hij onlangs voor het eerst in twintig, dertig jaar het stadion voortijdig heeft verlaten. Hij kon het niet meer aanzien dat dit team geen binding met het publiek lijkt te hebben, dat er totaal geen spirit in deze ploeg zit. “Ik begrijp die man en vind dat we er absoluut aan moeten werken. Je kunt best verliezen, maar dan wel als je als ploeg alles gegeven hebt. Er moet meer hart en ziel van het elftal uitgaan. Bij Heerenveen-Twente (6-2, red.) zag ik een elftal dat streed, maar tegen Groningen (1-4) gingen we door de ondergrens. En dan zakt het ineens wel heel ver weg bij ons. Dat moet eruit, maar het heeft tijd nodig. Hoe lang nog? We staan te laag, maar niet eens heel veel en kunnen nog steeds de play-offs halen. We moeten het ook niet erger maken dan het is.”




